Rashond als merk?
Eindelijk zou ik bijna zeggen komt de Raad met cijfers en uit deze cijfers blijkt, wat denk ik iedereen al bijna wist, er worden minder stambomen afgegeven.
Ik vind het goed dat de Raad hier aandacht aan besteed, want daling van het aantal stambomen heeft niet alleen gevolgen voor de medewerkers van het bureau, maar is ook een signaal vanuit de samenleving. Een signaal wat serieus genomen moet worden.
Blijkbaar kopen steeds meer mensen om wat voor reden dan ook een hond zonder stamboom.
Volgens mij is niet de vraag: "Is het erg voor rasverenigingen en fokkers" maar wat is de oorzaak en wat kunnen wij, rasverenigingen en fokkers hier aan doen of willen we hier niets aandoen.
De rashond promoten, heeft in het huidige klimaat denk ik weinig zin. De rashond, of liever gezegd de hond met stamboom heeft een imago probleem.
We zitten in een tijd waarin de kynologie onder druk staat, de BBC docu staat niet op zich, ook hier in Nederland hoor je kritische geluiden, niet alleen in de media maar ook van dierenartsen/specialisten en eigenaren. Te veel aandacht voor het uiterlijk van de rashond en te weinig voor de gezondheid is een veel gehoorde klacht.

En alleen als wij, dus alle aangesloten rasverenigingen dat willen, kan dat imago veranderen. Wij kunnen de stamboom meerwaarde geven dan alleen het afstammingsbewijs wat het nu is. Door de organisatie structuur, kunnen de bestuurders/medewerkers van de Raad en de aangesloten verenigingen elkaar in een dodelijke omhelzing houden. Er wordt door de Raad en de door Raad in het leven geroepen werkgroepen, veel tijd en energie besteed aan het maken van diverse plannen, die te vaak op niets uitlopen. Veel gehoorde kreet: Er moet draagvlak gecreëerd worden. Maar daarvoor is de medewerking van alle partijen nodig.
Als het bureau van de Raad  niet als vertegenwoordiger/belangenbehartiger van alle verenigingen gezien wordt, maar eerder als een bedreiging wordt ervaren. Lopen veel pogingen om veranderingen in gang te zetten dood. Alleen als we in staat zijn om deze problematiek onder ogen te zien en het hoofd te bieden kunnen we verder, want waar een wil is, is een weg.